Driftbuien

Vanaf 1 jaar gaan kinderen zelf lopen en steeds meer ondernemen. Uw kind wil steeds meer zelf doen en bepalen wat er gebeurt. Dat kan niet altijd. Uw kind kan driftig worden wanneer iets niet lukt. Dit is een vrij normaal verschijnsel in de emotionele ontwikkeling.

Driftbuien rond 3 jaar zijn normaal

Driftbuien komen vooral voor tussen 2 en 3 jaar en horen bij de zogenaamde ‘peuterpuberteit’. Dit is normaal. Vanaf 3 jaar wordt dit geleidelijk aan minder en rond het vijfde jaar zijn ze zo goed als verdwenen.

Driftbuien voorkomen

  • Zorg dat uw kind niet in situaties terechtkomt waarin het steeds ‘nee’ te horen krijgt. Zet dingen weg. U hoeft dan niet steeds ‘nee’ te zeggen.
  • Zorg dat uw kind iets te doen heeft.
  • Leer uw kind enkele duidelijke regels. Leg ook uit waarom iets niet mag. Uw peuter kan het dan beter begrijpen.
  • Hanteer zo veel mogelijk vaste etenstijden. Ook een vast slaapritueel geeft uw kind duidelijkheid.
  • Vertel uw (oudere) peuter wat u doet en wat er gaat gebeuren. Uw kind weet dan wat het kan verwachten.
  • Verwacht niet te veel van uw kind. Peuters kunnen bijvoorbeeld nog niet zo lang aan tafel blijven zitten.
  • Let op wanneer uw kind zich goed gedraagt en geef dan een complimentje. Leg ook uit waarom het een complimentje krijgt.
  • Denk eerst na voordat u ‘ja’ of ‘nee’ zegt, en blijf vervolgens bij dat besluit. Als daarop een driftbui volgt, is het verstandig om die te negeren. Als u nu toegeeft, ziet uw kind dat als een beloning voor het driftige gedrag.

Het zal niet altijd lukken om driftbuien te voorkomen. Het ene kind heeft meer last van driftbuien dan het andere. Dit heeft met temperament te maken.

Hoe gaat u om met driftbuien?

  • Vertoont uw kind ongewenst gedrag? Lijkt het of uw peuter ieder moment een driftbui kan krijgen? Zeg dan wat uw kind moet doen. Stop met waar u mee bezig bent en vertel uw kind welk gedrag moet stoppen, en wat het wél moet doen. Zeg bijvoorbeeld: ‘Lia, stop nu met schreeuwen. Als je iets wilt hebben, kun je erom vragen.’
  • Is uw kind driftig en staat het te stampen en te schreeuwen, bijvoorbeeld in een winkel? Negeer het dan. Doe alsof u het niet ziet en hoort. Geef pas aandacht als de bui over is. Geef een complimentje zodra uw kind zich goed gedraagt, maar blijf er niet te lang bij stilstaan.
  • Probeer het negeren van een driftbui eerst thuis uit. Dat is makkelijker dan in situaties met publiek erbij. Als u weet dat de aanpak werkt, staat u steviger in uw schoenen als uw peuter in de supermarkt een driftbui krijgt.
  • Je kunt een driftbui alleen negeren als je dit kunt volhouden tot de bui over is.
  • Als u weet dat u dit niet lukt, kunt u kiezen voor stilzetten in de ruimte waar uw kind op dat moment is of uw kind apart zetten op een andere, saaie plek.
  • Ga niet in discussie met uw kind.
  • Geef niet toe, want dan beloont u kinderen voor hun gedrag en gaan ze het vaker doen.
  • Word niet kwaad op uw kind en straf het niet. Peuters moeten leren om hun gevoelens op een normale manier te uiten.
  • Zelf rustig blijven

Als uw kind een driftbui heeft, is het lastig om zelf rustig te blijven. Vooral bij extreme driftbuien in het openbaar kunt u zich ongemakkelijk voelen en is de verleiding groot om uw kind te sussen: ‘Pak die snoepjes dan maar.’

Als u dat doet, beloont u kinderen voor driftbuien en zullen ze die vaker krijgen. Geef hen dus niet hun zin. Sommige mensen vinden het misschien vervelend dat uw kind zo schreeuwt. Omdat u de driftbui negeert, lijkt het alsof u er niets aan doet. Hoe lastig het ook is, probeer u niets van aan te trekken van wat anderen vinden. Blijf rustig en houd vol tot de driftbui over is.

Bedenk ook dat driftbuien er eigenlijk gewoon bij horen. Alle kinderen krijgen ze wel eens. Uw kind begint nu langzaam zelfstandiger te worden.

Bron: https://www.cjgheerenveen.nl/is/peuter/opvoeding-en-gedrag/lastig-gedrag/driftbuien